De langstlevende van een samenwonend koppel
De wettelijk samenwonende partner is erfgenaam als hij met de erflater samengewoond heeft en met hem een verklaring van wettelijke samenwoning heeft afgelegd. Hij erft het vruchtgebruik op de woning en de meubelen die er zich in bevinden. De samenwonende mag dan wel geen afstammeling zijn van de erflater. Er moet geen testament zijn nagelaten en de verkrijger moet geen inbezitstelling vragen. Hij treedt zo automatisch in het bezit van de goederen die hij erft. Hij zal wel gehouden zijn tot de intresten van de schulden van de nalatenschap en dit in verhouding tot de waarden die de goederen hebben die met vruchtgebruik zijn belast ten opzichte van het totaal van de nalatenschap.
Wil u meer laten vererven aan de persoon met wie u samenleeft dan moet via een testament een legaat worden opgemaakt van de bezittingen die u wil legateren. Daarbij moet wel rekening worden gehouden met de gereserveerde rechten van de kinderen. Bij het bestaan van twee kinderen hebben ze elk recht op minimaal een derde van de nalatenschap, waardoor u nog slechts één derde kan legateren aan de persoon waarmee u samenleeft. De samenwoners kunnen elkaar ook minder geven dan wat de wet voorziet. Aldus kan de duur worden beperkt van het vruchtgebruik, ofwel kan verhinderd worden dat de langstlevende de woning verhuurt, enz.
De samenwoner kan zelfs het wettelijk vruchtgebruik helemaal uitsluiten.
De erfgenaam zal eventueel ook moeten bijdragen tot het onderhoud van de kinderen van de erflater binnen de grenzen van de voordelen die hij heeft verkregen.
Opgelet: wie met de overledene samenwoonde, echter zonder de verklaring van wettelijke samenwoonst te hebben afgelegd, is geen wettige erfgenaam. Wil men van elkaar erven dan moet een testament in die zin worden opgemaakt. Ook bedingen van aanwas kunnen er voor zorgen dat de langstlevende van de samenwonenden bepaalde goederen toebedeeld krijgt.
Wanneer er helemaal geen erfgenamen zijn, komt de nalatenschap toe aan de Staat.
context: erfgenamen